Een Didgeridoo is een muziekinstrument of blaasinstrument van de Aborigines uit Australië. Didgeridoo is eigenlijk de Westerse benaming. Toen de Europeanen in Australië kwamen zagen ze in het noordelijk deel Aborigines allerlei geluiden maken door een holle pijp. Wat ze hoorden klonk als ”Did-zju-rrrie-doeh”. Aborigines zelf hebben verschillende namen voor dit instrument, onder andere: Yidaki, Yirdaki, Gurrmurr en Gindjunggang. De naam is afhankelijk van de stam of taal. Traditioneel wordt de didgeridoo alleen in het noorden van Australië bespeeld (Northern Territory)
De didgeridoo is een holle boomstam of tak. Het instrument is gemaakt van een eucalyptusboom. Witte termieten leven in en eten van de eucalyptusboom, ze maken de boom hol door het binnenste van de boom weg te eten. Aborigines herkennen aan de bast en bladeren van de eucalyptusboom dat er termieten in zitten. Door op de stam te kloppen horen ze of de boom hol genoeg is. Vervolgens kappen ze de boom om en zagen hem op de juiste lengte, maken de binnenkant schoon en verwijderen de bast. De didgeridoo wordt vaak beschilderd met totem dieren, symbolen en eigen patroon van de maker. Als het nodig is wordt het instrument voorzien van en een stuk bijenwas als mondstuk.
